Screenen op boezemfibrilleren in de eerste lijn

Brits onderzoek heeft gekeken naar de haalbaarheid van screening op boezemfibrilleren in een eerstelijnspopulatie, zonder dat huisartspraktijken hiervoor de regie hoeven nemen. Met minimale ondersteuning van de huisartspraktijk konden ze een steekproef patiënten met succes screenen op boezemfibrilleren.

Het is van groot belang om boezemfibrilleren in een vroeger stadium te diagnosticeren. Omdat testen op boezemfibrilleren wanneer patiënten toevallig bij de huisarts zijn (voor cardiale of niet-gerelateerde klachten) een grote kans geeft op het missen van paroxysmaal boezemfibrilleren, lijkt screening aangewezen. 

Met screening kan paroxysmaal boezemfibrilleren gedetecteerd worden indien er herhaaldelijk ECG’s gemaakt worden gedurende een langere tijd. Omdat dit wellicht een grote belasting vormt voor huisartspraktijk, bestudeerden Britse onderzoekers of het centraal regelen van screening op boezemfibrilleren haalbaar is.

Gecontroleerd vergelijkend onderzoek
Hiervoor nodigden de onderzoekers mensen van 70 jaar of ouder uit drie Engelse huisartspraktijken uit om deel te nemen aan een screening. Zij moesten gedurende drie weken 4 maal daags een (handheld) ECG-apparaatje gebruiken. De 288 deelnemers aan de screening waren gerandomiseerd naar ofwel begeleiding van de screening door de huisartspraktijk ofwel door een centrale organisatie buiten de praktijk om. De primaire uitkomstmaat van dit onderzoek was het aandeel patiënten dat 56 of meer ECG’s van adequate kwaliteit hadden opgenomen (minimaal tweederde van adequate kwaliteit).

Centrale screening goed haalbaar
Van de 288 gescreende mensen werden 59 deelnemers door de huisartspraktijk gescreend via een telefonisch consult voor uitleg van het ECG-apparaat. De overige mensen werden centraal gescreend; van hen kregen 81 mensen automatisch een consult met uitleg, 74 mensen kregen een consult aangeboden en 74 mensen kregen geen consult aangeboden. De meeste gescreende mensen (97,2%) maakten 56 of meer ECG’s van adequate kwaliteit. Het percentage mensen met adequate ECG’s verschilde niet significant tussen de huisartsprakijk- en centrale screeningorganisaties. Ook was er geen significant verschil in het al dan niet geven of aanbieden van een consult met uitleg. De screening door de huisartspraktijk georganiseerd leverde wel iets meer ECG’s van goede kwaliteit op, 83,9% versus 78.3%, p<0,001.

De onderzoekers concluderen dat screening op boezemfibrilleren ook prima kan via een centrale organisatie. Huisartsprakijken kunnen hierdoor ontlast worden.

Bron: Modi RN, et al. Screening fora trial fibrillation with or without general practice involvement: a controlled study. BMC Prim Care 2025 May 26;26(1):185.
Link: https://bmcprimcare.biomedcentral.com/articles/10.1186/s12875-025-02878-y

Terug naar overzicht
Verbinding onderbroken. Opnieuw proberen...